Gratis verzending vanaf €75

Verzending

Hoptimaal biedt in de winkel, maar ook online allerlei verschillende bieren aan. Als je de optie hebt om een bestelling te plaatsen hebben wij het product eigenlijk altijd op voorraad (er kan altijd een foutje gemaakt worden, helaas). De producten die wij op voorraad hebben zullen, als deze voor 15:00uur besteld zijn, dezelfde dag nog verzonden worden.

Maken wij een fout met de voorraden dan zal je hier binnen 24uur een melding van krijgen. In die mail bieden wij een alternatief product aan, het recht op directe terugstorting van het volledige aankoopbedrag en een nieuwe levertijd. Het is dan aan jou de keus hoe wij onze fout met je oplossen.

Wij vertrouwen onze verzendingen toe aan DPD en bieden de volgende opties binnen Nederland:

  •  Bezorging aan huis of hop je werk
  •  PakjeGemak
  •  Avondlevering

Verzendkosten per land

Scroll naar rechts op mobiel ->

Land Verzendkosten Verlaagd tarief Gratis verzending vanaf
Nederland pakketpunt € 6,95
thuis € 8,50
– € 75
België € 8,95 – € 100
Duitsland € 13,50 – € 100
Denemarken € 15,95 – € 150
Oostenrijk € 15,95 – € 150
Bulgarije € 47,50 € 25 vanaf € 150 nooit gratis
Estland € 17,50 – € 150
Finland pakketpunt € 24,95
thuis € 29,95
thuis: € 10 vanaf € 200 pakketpunt € 200
thuis € 250
Frankrijk € 16,95 – € 150
Griekenland € 29,50 € 15 vanaf € 150 nooit gratis
Hongarije € 21,95 € 10 vanaf € 150 € 200
Ierland € 15,95 – € 150
Italië € 16,95 – € 150
Kroatië € 47,50 € 25 vanaf € 150 nooit gratis
Letland € 17,50 – € 150
Litouwen € 21,95 € 10 vanaf € 150 € 200
Luxemburg € 12,95 – € 150
Polen € 15,95 – € 150
Portugal € 19,95 € 10 vanaf € 150 € 200
Roemenië € 27,50 € 10 vanaf € 150 nooit gratis
Spanje € 18,75 – € 150
Tsjechië € 15,95 – € 150
Zweden pakketpunt € 24,95
thuis € 29,95
thuis: € 10 vanaf € 200 pakketpunt € 200
thuis € 250
Noorwegen* Coming soon
Verenigd Koninkrijk* Coming soon
Zwitserland* Coming soon

Bezorging

DPD bezorgd over het algemeen binnen 24 uur na ontvangst van het pakket. Dus als wij op werkdagen je bestelling voor 15:00 uur hebben ontvangen, heb je in 99% van de gevallen je bestelling de volgende dag in huis. Het kan wel eens voorkomen dat ze een dag langer nodig hebben. Dit kan je volgen via de Track & Trace gegevens die je van ons ontvangt, zodat je precies kunt zien waar je bestelling is. DPD geeft je ook een tijdsvlak van 2 tot 4 uur waarin je bestelling bezorgd zal worden. Ben je niet thuis? Geen probleem! Je kunt zelf aangeven of je wilt dat ze morgen nog een keertje bij je langs komen of dat ze het bij het dichtstbijzijnde postkantoor afleveren.

Heb je een vraag over de bezorging van je bier? Neem gerust contact met ons op: klantenservice.

 

Retourneren

Je hebt een bedenktermijn van 14 dagen nadat je het product hebt ontvangen. Binnen deze termijn kan je het product aanmelden voor retournering. In de mail die je hebt ontvangen waarin staat dat je bestelling onderweg is staat een link die je kunt gebruiken om simpel en gratis een retourlabel te downloaden en printen. Retourneren is gratis: wij leveren het retourlabel en de verzendkosten van je retour zijn voor onze rekening. Na het aanmelden van je retour heb je nogmaals 14 dagen om het product retour te sturen. Als je meerdere artikelen in één keer hebt gekocht begint het termijn na ontvangst van je laatste artikel.

Hoe retourneer of ruil ik een product?

  • Vul binnen 14 dagen na ontvangst het retourformulier in. Lukt het niet om het retourformulier te printen, schrijf dan in ieder geval het ordernummer en je naam op een blaadje en voeg deze toe aan je retour.
  • Meld je retour aan bij onze klantenservice. Dit kan je doen door een mailtje te sturen naar: info@hoptimaal.nl of te bellen met 085 -130 1591. Of print zelf je retourlabel via de link in de mail met de titel "Je bestelling is onderweg".
  • Na het aanmelden van je retour heb je nogmaals 14 dagen om het product retour te sturen.
  • Stuur je retour vervolgens in originele staat en met de verpakking retour. Producten die beschadigd of niet compleet zijn komen niet in aanmerking voor ruiling of restitutie.

Let op: na de 14 dagen bedenktermijn is het niet meer mogelijk om je product te retourneren.

Wat mag je verwachten na het retourneren van je product?

Na het ontvangen van je retour ontvang je van ons een bevestiging. Dit kan 3 werkdagen duren, maar over het algemeen verwerken wij je retour op de dag dat wij hem ontvangen. Wij gaan je retour controleren om te kijken of je product voldoet aan onze retourvoorwaarden en vervolgens aan de slag met de door jouw gewenste oplossing.

Wil je je geld terug?

  • Wij storten het aankoopbedrag binnen 3 werkdagen na bevestiging van ontvangst terug op de rekening waarmee je hebt betaald. Wil je het aankoopbedrag op een andere manier ontvangen, neem dan contact met ons op over de mogelijkheden.
  • Bij zichtbare gebruikssporen, missende accessoires of een ontbrekende verpakking heb je geen recht meer op restitutie. Wanneer de verpakking niet geheel in originele staat retour komt doen wij niet moeilijk en krijg je in ieder geval 75% van het aankoopbedrag terug. Dit is heel zelden het geval, meestal wordt gewoon het volledige aankoopbedrag teruggestort.

Wil je een nieuw product ontvangen?

Na het ontvangen van je retour, sturen wij het nieuwe product gelijk op. Als het product niet meer op voorraad is, storten wij het aankoopbedrag terug op de rekening waarmee je betaald hebt.

  • Is het nieuwe product goedkoper? Het restbedrag word binnen 3 werkdagen teruggestort op je rekening.
  • Is het nieuwe product duurder? Je ontvangt een betaalverzoek voor het restbedrag. Na ontvangst van betalingen sturen wij het product direct op.
  • Wil je het nieuwe product op een ander adres of een andere dag ontvangen, neem dan contact met ons op.

Uitzonderingen

Bier wat open is geweest zal niet retour worden genomen. Ook als je bier besteld hebt met korting omdat de houdbaarheid bijna is verlopen nemen wij het niet retour. Uiteraard zetten wij dit duidelijk op de productpagina, zodat je niet verast word met een beperkte houdbaarheidsdatum.

Het artikel mag retour naar onderstaand adres:

Hoptimaal
Leeghwater 5
3825MR Amersfoort
Nederland

Bestel voor 15:00 op werkdagen, vandaag verzonden
Anti-breuk verpakking

Je bieren worden altijd zorgvuldig verpakt. Mocht er onderweg toch schade zijn, dan heb je bij ons altijd garantie. Niet goed, geld terug.

Winkelwagen

Je winkelwagen is leeg

Bierschool · Ingrediënt

Mout

Mout is graan, meestal gerst, dat is geweekt, gekiemd en gedroogd. Het levert de suikers waar de gist alcohol van maakt, en geeft je bier zijn kleur, zijn moutsmaak en een deel van zijn mondgevoel.

Wat is het?

Mout is graan dat de mouter een stukje laat ontkiemen. Meestal is dat gerst, maar ook tarwe, rogge en haver worden gemout. In een moderne mouterij ligt het graan eerst één tot twee dagen in de week: perioden onder water, afgewisseld met droge rustpauzes, tot het meer dan 40% vocht bevat. Daarna kiemt het drie tot vijf dagen bij zo'n 13–16 °C, terwijl er vochtige lucht door het graan wordt geblazen. Het gekiemde graan heet groenmout.

Tijdens het kiemen komen enzymen vrij en maakt de korrel nieuwe enzymen aan. Die breken de binnenkant van de korrel open, zodat het zetmeel bereikbaar wordt. Voordat het kiemplantje dat zetmeel zelf opmaakt, stopt de mouter het proces door te drogen met steeds warmere lucht: het eesten. Bij licht gedroogde mout gaan daarbij veel enzymen verloren, maar blijven de enzymen die zetmeel omzetten over. Meer dan 90% van alle mout die wordt gemaakt, is zulke bleke mout.

Wat doet het in bier?

Bij het brouwen mengt de brouwer gemalen mout met heet water: het maischen. De enzymen uit de mout knippen het zetmeel dan in suikers, vooral maltose, en in grotere brokstukken die dextrines heten. De gist maakt van die suikers alcohol en koolzuur. De dextrines vergisten niet.

De brouwer stuurt dat met de temperatuur. Volgens John Palmer (How to Brew) geeft maischen bij 60–65 °C een beter vergistbaar wort en een lichter bier, en bij 65–71 °C een wort met meer dextrines dat minder ver vergist, met meer body. Zo bepaalt het maischen mee hoe droog of vol een bier wordt.

Wat mout verder doet: - Kleur: bij het drogen en roosteren ontstaan bruine stoffen via de Maillardreactie. Een Duitse pils zit volgens de Brewers Association op 6–8 EBC, een klassieke Ierse dry stout op 80 EBC of meer. - Smaak: van graan en vers brood bij bleke mout, via toast en biscuit, tot karamel en toffee bij karamelmout en koffie en chocolade bij geroosterde mout. - Mondgevoel en schuim: eiwitten worden niet vergist en dragen veel bij aan het mondgevoel. Tarwe en haver kunnen de body flink verhogen, en het eiwit uit tarwe helpt de schuimkraag. - Restzoet: donkere karamel- en geroosterde mouten bevatten volgens Palmer veel suikers die maar deels vergisten. Die geven zoetheid en body.

Soorten

  • Basismout: bleke mout zoals pilsmout en pale ale-mout. Die levert meestal het grootste deel van de suikers.
  • Weense en Münchener mout: heter gedroogd dan basismout. Münchener mout geeft een rijke, broodachtige moutsmaak; Weense mout is lichter en zoeter. Beide hebben nog net genoeg enzymen om hun eigen zetmeel om te zetten.
  • Karamelmout (crystal): groenmout die wordt verwarmd tot 65–70 °C, zodat het zetmeel al in de korrel suiker wordt, en daarna wordt geroosterd. Lichte karamelmout smaakt naar honing en karamel, donkere naar karamel en toffee, en de donkerste ook naar verbrande suiker en rozijn.
  • Geroosterde mout: chocolademout en zwarte mout, geroosterd tot zo'n 215–225 °C, voor chocolade- en koffietonen. Geroosterde gerst is niet gemout en geeft de droge koffiesmaak van Ierse stout.
  • Gerookte mout: boven beukenhout gerookt, bekend van het rauchbier uit Bamberg.

De kleur van mout zelf staat vaak in graden Lovibond, die niet gelijk zijn aan EBC. Volgens Montana State University loopt dat van 1,5–2,5 voor pilsmout tot 400–600 voor zwarte mout.

Andere granen en suikers: - Tarwe heeft geen kaf om de korrel en geeft meer eiwit. Een Duits weizen is volgens de BJCP minstens voor de helft gemoute tarwe, een witbier bevat 30–60% ongemoute tarwe. - Haver geeft een zijdezacht, romig mondgevoel, zoals in oatmeal stout. - Rogge wordt volgens de Brewers Association vaak kruidig, peperig of aards genoemd. - Mais en rijst: mais maakt kleur en body lichter, rijst smaakt bijna nergens naar en geeft een droger bier. - Suiker en kandij vergisten vrijwel helemaal en maken een sterk bier lichter van body. - Lactose (melksuiker) vergist biergist niet. Daarom wordt het bijvoorbeeld in sweet stout gebruikt voor blijvende zoetheid.

Voor bier uit Nederland stelt de wet een ondergrens: het mag alleen 'bier' heten als minstens 60% van het extract in het wort, vóór de gisting, uit gerst- of tarwemout komt.

Fabel of feit?

Fabel

‘Suiker in bier maakt het bier zoet.’

Gewone suiker wordt door de gist vrijwel helemaal vergist. Hij levert alcohol, geen zoetheid. Brouwers gebruiken hem juist om een sterk bier lichter en droger te maken. Lactose is de uitzondering.

Fabel

‘Suiker in bier maakt het bier zoet.’

Gewone suiker (sucrose) is volgens John Palmer (How to Brew) voor 100% vergistbaar. De gist maakt er alcohol van, net als van de suikers uit mout. De eerste twee redenen die Palmer noemt om suiker te gebruiken, zijn meer alcohol zonder meer body, of een lichtere body bij hetzelfde alcoholgehalte. Ook Belgische kandijsuiker gedraagt zich volgens hem als tafelsuiker, afgezien van wat karameltonen (iets meer bij de donkere soort).

De stijlrichtlijnen laten het effect zien. Een tripel wordt volgens de BJCP vaak met bleke suiker gebrouwen, is zeer droog en hoort niet zoet te zijn. Volgens de Brewers Association kan suiker in een tripel worden gebruikt om de body lichter te maken, en hoort een zoete indruk van de alcohol te komen, niet van restsuiker. Een Belgian golden strong ale bevat volgens de BJCP flink wat suiker en is juist sterk vergist en droog.

Wat suiker wel doet: donkere suikersiroop of ongeraffineerde suiker kan smaak geven. Bij dubbel komt volgens de BJCP veel van de complexiteit van gekarameliseerde suikersiroop.

De uitzondering is lactose, melksuiker. Die vergist biergist niet, en daarom wordt hij in sweet stout vaak gebruikt voor extra restzoetheid. Zoetheid in bier komt dus niet van de suiker die de gist kan vergisten, maar van wat er na de gisting overblijft. En bij een tripel kan ook de alcohol een zoete indruk geven.

Bronnen

Deels waar

‘Een moutig bier is een zoet bier.’

Moutig zegt iets over de smaak: brood, toast, karamel. Zoet zegt iets over suiker die is overgebleven. Veel moutige bieren eindigen droog, en sommige bieren lijken zoet omdat ze weinig bitter zijn.

Deels waar

‘Een moutig bier is een zoet bier.’

Moutig en zoet worden vaak door elkaar gehaald, maar het zijn twee verschillende dingen. De BJCP omschrijft een Duitse dunkles bock als een bier dat draait om rijke, toastige moutsmaken, 'without being sweet in the finish': goed vergist en niet plakkerig, al mag er een vleugje moutzoet in de afdronk blijven hangen. Bij een Münchener dunkel is de mout volgens de BJCP 'more malty-rich than sugary or caramelly sweet'.

Of een bier zoet is, hangt af van wat er na de gisting overblijft. Karamelmout en donkere geroosterde mout bevatten volgens John Palmer veel suikers die maar deels vergisten, en die geven restzoetheid. Ook de maischtemperatuur telt: warmer maischen geeft meer onvergistbare dextrines en een voller bier. Die dextrines zelf smaken volgens Palmer nergens naar.

Daarnaast speelt je waarneming mee. Een dubbel kan volgens de BJCP wat zoet smaken door de lage bitterheid, terwijl hij eigenlijk vrij droog is. Bij witbier komt een indruk van zoetheid volgens de BJCP vaak van de lage bitterheid, niet van restsuiker.

Deels waar dus: er bestaan moutige bieren die echt zoet zijn, zoals sweet stout, met volgens de BJCP veel restzoetheid. En te veel karamelmout kan volgens Palmer een bier mierzoet maken. Maar moutig betekent niet vanzelf zoet.

Bronnen

Deels waar

‘Mais en rijst in bier zijn goedkope opvulling.’

Prijs speelde mee, maar was niet de enige reden. Amerikaanse brouwers gebruikten mais en rijst in de 19e eeuw ook om van eiwitrijke gerst een helder, licht bier te maken.

Deels waar

‘Mais en rijst in bier zijn goedkope opvulling.’

Volgens historica Maureen Ogle begonnen Duits-Amerikaanse brouwers begin jaren 1870 met mais en rijst. Geld speelde daarbij zeker mee. De vraag naar gerst was groter dan het aanbod, en slecht weer en ziekte vernielden in die jaren oogsten. Met ander graan konden brouwers minder afhankelijk worden van de hoge gersteprijzen.

Maar er was ook een technische reden. De Amerikaanse zesrijige gerst bevatte veel eiwit. In lager gaf dat waas, verzuring en een kortere houdbaarheid. Mais en rijst bevatten weinig eiwit. Zo konden brouwers een helder, licht bier maken in Boheemse stijl, en volgens Ogle wilden veel Amerikanen juist zo'n licht bier. Ook John Palmer schrijft dat brouwers het eiwitrijke wort van zesrijige gerst verdunden met eiwitarme granen als mais en rijst. Goedkoop was het ook niet altijd: de olie in mais gaf een ranzige smaak, en die verwijderen kostte volgens Ogle extra geld.

Palmer zegt ook dat je adjuncten niet moet minachten: hele tradities, zoals American lager, Belgische lambiek en Ierse stout, hangen ervan af. Rijst smaakt volgens Palmer bijna nergens naar en geeft een droger bier dan mais; mais maakt kleur en body lichter. Een American lager mag volgens de BJCP tot 40% rijst of mais bevatten.

Voor bier uit Nederland stelt de wet een grens: minstens 60% van het extract in het wort, vóór de gisting, moet uit gerst- of tarwemout komen.

Bronnen

Fabel

‘Donker bier is zwaarder en sterker dan blond bier.’

Kleur is geen maat voor alcohol: bier wordt donker door geroosterde of donker gedroogde mout. Een zwarte Irish stout heeft meestal minder alcohol dan een goudgele tripel.

Fabel

‘Donker bier is zwaarder en sterker dan blond bier.’

De kleur van bier komt vooral uit het graan. Hoe meer gekarameliseerde, geroosterde of donker gedroogde mout de brouwer gebruikt, hoe donkerder het bier. CraftBeer.com van de Brewers Association zegt er nadrukkelijk bij dat kleur niet gelijkstaat aan alcoholgehalte of mondgevoel. Ook een kwaliteitsgids van de Brewers Association voor de handel schrijft dat kleur soms sterkte doet vermoeden, maar vaak ten onrechte.

De stijlrichtlijnen laten het zwart op wit zien. Een Irish stout is zwart door donker geroosterde mout of gerst, maar heeft volgens de BJCP 3,8–5,0% alcohol. Een Belgische tripel is diepgeel tot licht amber en heeft 7,5–9,5%. De Brewers Association geeft hetzelfde beeld: een droge Irish stout heeft 4,1–5,3% bij een kleur van 80+ EBC (zwart), een tripel 7,1–10,1% bij 8–18 EBC (bleek). Zwaar hoeft zo'n stout ook niet te zijn: de BJCP noemt hem opvallend soepel, met een middellicht tot middelvol lichaam.

Er bestaan natuurlijk ook donkere bieren die wél sterk zijn, zoals imperial stout (volgens de BJCP 8–12%). Dat komt door de hoeveelheid suiker die vergist is, niet door de kleur.

Bronnen

Deels waar

‘Het Reinheitsgebot is een eeuwenoude garantie voor puur bier van goede kwaliteit.’

Het Beierse besluit van 1516 beperkte de grondstoffen tot gerst, hop en water, maar regelde net zo goed de bierprijs. Gist werd niet genoemd, en de naam 'Reinheitsgebot' stamt pas uit de 20e eeuw.

Deels waar

‘Het Reinheitsgebot is een eeuwenoude garantie voor puur bier van goede kwaliteit.’

De regel stond in de Beierse Landesordnung (een algemene landsverordening) van de hertogen Wilhelm IV en Ludwig X, gedateerd april 1516. Het Historisches Lexikon Bayerns noemt 24 april; bierschrijver Jeff Alworth noemt 23 april. In bier mochten alleen gerst, hop en water, maar dezelfde bepaling begon met maximumprijzen voor bier. Gist wordt niet genoemd.

Als motieven voor zulke reinheidsregels noemt het Lexikon kwaliteitsbewaking en bescherming van de consument, maar ook voedselvoorziening, prijsbeheersing en belastinginkomsten. Alworth benadrukt dat het besluit veel meer over geld ging dan over gezondheid, en dat het voorschrijven van gerst de tarwe vrijhield voor de bakkers. Tarwebier was daardoor in principe verboden; volgens het Lexikon mocht het alleen met een hertogelijk privilege toch gebrouwen worden.

Ook de naam is jonger dan de regel. 'Reinheitsgebot' is een 20e-eeuwse vinding: het Lexikon noemt 1909, een artikel van de Ohio State University 1918 en Alworth 1919. Daarvoor sprak men van een 'Surrogatverbot', een verbod op vervangende grondstoffen. Voor het hele Duitse Rijk werd de regel volgens het Lexikon pas in 1906 vastgelegd, in de biersteuerwet en alleen voor ondergistend bier; ook Alworth noemt 1906. In 1987 oordeelde het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen dat Duitsland bier dat in een andere lidstaat rechtmatig was gemaakt en verkocht, niet mocht weren omdat het niet aan deze regels voldeed.

Conclusie: het is een regel over toegestane grondstoffen, en oorspronkelijk ook over prijzen. Geen keurmerk dat iets zegt over smaak of vakmanschap.

Bronnen

Uit de geschiedenis

Mouten is heel oud. Volgens een overzichtsartikel in het Journal of the Institute of Brewing verwijst de Sumerische hymne aan Ninkasi, van rond 1800 voor Christus, al dichterlijk naar het mouten. Oudere archeologische sporen zijn minder zeker.

Volgens biergeschiedkundige Martyn Cornell droogden mouters vóór de industriële revolutie boven vuren van hout, stro of gaspeldoorn, waardoor mout naar rook kon smaken. Cokes (ontgaste steenkool) geeft hitte met weinig of geen rook. Een verslag aan de Royal Society uit 1695–97 meldt dat ze in Lincolnshire mout met cokes droogden, wat het bier 'little Colour or Taste' gaf.

Volgens Jeff Alworth werd porter het grootste deel van de 18e eeuw helemaal van bruine mout gebrouwen. In 1817 patenteerde Daniel Wheeler volgens hem een manier om mout zwart te roosteren. Van die 'patentmout' kleurt een klein beetje een bier al zwart. Tussen 1870 en 1890 maakte het pneumatisch mouten, met lucht die door het graanbed wordt geblazen, het mouten veel efficiënter. Het JIB-overzicht verbindt die vernieuwing vooral met de ingenieurs Galland en Saladin.

Zo proef je het

Een tip: proef een paar stijlen naast elkaar. In een weizen proef je de zachte, broodachtige tarwe, al staat de gist daar meestal voorop. Een witbier heeft een licht granige, kruidige tarwegeur en een licht romig mondgevoel. Een Duitse dunkles bock draait volgens de BJCP om rijke, broodachtige en toastige tonen van Münchener en Weense mout, en is toch goed vergist en niet plakkerig zoet. Nederlands bokbier is ruimer: de wet eist alleen een extractgehalte van de stamwort boven de 15%. In een droge Ierse stout komt de koffiesmaak van geroosterde gerst. En zet een tripel naast een dubbel: in een tripel kan suiker het bier licht van body houden, in een dubbel voert de mout de boventoon en geeft gekarameliseerde suikersiroop veel van de complexiteit.

Hier speelt het de hoofdrol

Meer over wat er in bier zit

GistHopWater

Begrippen

Mout
Graan, meestal gerst maar bijvoorbeeld ook tarwe, dat is geweekt, gekiemd en gedroogd zodat er suikers voor de gist beschikbaar komen; hoe sterker de mout is geroosterd, hoe donkerder het bier.
Eesten
Het drogen van gekiemd graan (groenmout) met warme tot steeds hetere lucht, zodat het kiemen stopt; bij bleke mout eerst rond 50–60 °C en daarna tot 80–85 °C. Hoe heter de mout wordt gedroogd, hoe donkerder hij doorgaans wordt.
Maischen
Gemalen mout mengen met heet water, vaak rond 65–68 °C, zodat de enzymen uit de mout het zetmeel omzetten in suikers; bij een lagere temperatuur wordt het bier droger en lichter, bij een hogere voller.
Wort
De zoete suikeroplossing die ontstaat uit mout en water, daarna met hop wordt gekookt en pas door de gisting bier wordt.
Stamwort
Het wort vóór de gisting. Het extractgehalte van de stamwort (in procenten of graden Plato) zegt hoeveel opgeloste stoffen, vooral suikers, erin zitten; het is geen alcoholpercentage, maar wel de wettelijke maat voor onder meer pils en bok in Nederland en voor onder meer bockbier in Duitsland.
Basismout
Licht gedroogde mout, zoals pilsmout of pale ale-mout, die genoeg enzymen heeft om zijn eigen zetmeel om te zetten en meestal het grootste deel van de suikers in een bier levert.
Karamelmout
Speciale mout, ook crystal genoemd, waarvan het zetmeel al in de korrel tot suiker is omgezet en die daarna is geroosterd; geeft kleur, body en tonen van honing, karamel of toffee, en een deel van die suikers vergist niet.
Geroosterde mout
Mout die op hoge temperatuur is geroosterd, zoals chocolademout en zwarte mout (tot zo'n 225 °C), voor een donkere kleur en tonen van chocolade of koffie; geroosterde gerst lijkt erop, maar is niet gemout.
Maillardreactie
Bruiningsreactie tussen suikers en aminozuren bij verhitting; in mout zorgt ze voor het grootste deel van de kleur en voor moutige, broodachtige, toast- en biscuitachtige smaken, zoals je die ook van bakken kent.
EBC en SRM
Twee meetschalen voor de kleur van bier, de Europese (EBC) en de Amerikaanse (SRM): hoe hoger het getal, hoe donkerder het bier, en het EBC-getal is ongeveer het dubbele van het SRM-getal (volgens de Brewers Association is bier vanaf 40 SRM, ofwel zo'n 80 EBC, zwart).
Adjunct
Een ongemoute graansoort (zoals mais, rijst of ongemoute tarwe) of andere vergistbare grondstof (zoals suiker) die een brouwer naast mout gebruikt, wat een bier lichter van lichaam kan maken.
Kandijsuiker
Suiker (sucrose) die licht tot donker is gekaramelliseerd; afgezien van wat karameltonen (iets meer bij de donkere soort) gedraagt hij zich volgens John Palmer als gewone suiker en vergist hij vrijwel helemaal. Belgische brouwerijen gebruiken volgens Palmer vooral de siroopvorm.
Lactose
Melksuiker die brouwers toevoegen voor een blijvende zoetheid, bekend van milk stout, en die in de EU-allergenenlijst onder 'melk' valt.
Restzoet
Suiker die de gist tijdens de gisting niet heeft omgezet en die dus in het bier achterblijft; lactose is daar een bekend voorbeeld van, omdat biergist het niet vergist.
Bronnen van deze pagina